Succesvolle samenwerking tussen pediatrie en kinderpsychiatrie

Om de kinderpsychiatrie te ondersteunen heeft de overheid extra budget vrijgemaakt. De provincie West-Vlaanderen heeft via WINGG (West-Vlaams integrerend netwerk geestelijke gezondheid) financiering mogelijk gemaakt voor een liaisonproject tussen de diensten kinderpsychiatrie en pediatrie. Dr. Kate Sauer, diensthoofd pediatrie AZ Sint Jan, en dr. Sara Willems, diensthoofd kinderpsychiatrie AZ St Lucas, hebben dit project samen opgestart. Els Legroe, coördinator van het liaisonteam en kinderpsycholoog, vertelt samen met Dr. Kate Sauer hoe belangrijk dit project is.

Vanwaar de nood aan een samenwerking?

Els: “Enerzijds toont recent onderzoek aan dat de coronapandemie een groot effect heeft op het emotioneel welzijn van een grote groep jongeren, zowel op korte als lange termijn. Kwetsbare jongeren in het bijzonder ervaren meer eenzaamheid, angstklachten en mentale onrust. Anderzijds zijn de wachtlijsten voor kinderpsychiatrische hulp nog toegenomen: van maanden tot jaren.”

Kate: “De overheid heeft daarom een project uitgeschreven om deze doelgroep beter en sneller te kunnen ondersteunen. Elke provincie heeft hier een budget voor gekregen. In West-Vlaanderen is dit uitgewerkt tot een liaisonproject tussen pediatrie en kinderpsychiatrie. Als kinderartsen waren wij al langer vragende partij om meer interactie en overleg te hebben met de kinderpsychiaters. Onze kennis beperkt zich namelijk tot het medisch-somatische aspect. Wij hebben niet de achterliggende kinderpsychiatrische kennis. Dankzij dit project is er een team opgericht vanuit het KAS Sint-Lucas Brugge waardoor er continu kinderpsychiatrische ondersteuning aanwezig is. Als kinderartsen kunnen we ons focussen op het medische verhaal, het liaisonteam staat in voor de kinderpsychiatrische aanpak. In deze samenwerking leren we zeer veel van elkaar.”

Welke middelen hebben jullie ter beschikking?

Kate: “Dankzij de financiële middelen is er één halve dag per week een kinderpsychiater aanwezig, Dr. Keirse op campus Brugge en Dr. Holvoet op campus Oostende. Psychologe Els Legroe coördineert alle kinderpsychiatrische activiteiten op beide campussen. Daarnaast zijn nog een kinderpsychiatrisch verpleegkundige en psychologe uit het KAS-team werkzaam op de pediatrie-afdelingen. Er zijn ook 4 extra bedden op de campus Sint-Jan en 4 op de campus Serruys voorzien. De extra bedden zijn niet permanent ingevuld, dit is afhankelijk van de drukte op de pediatrie-afdeling en de aanmeldingen. Tussen 1 september 2021 en 1 juni 2022 zijn er in Brugge 38 jongeren opgenomen (449 ligdagen) en in Oostende 41 (354 ligdagen). De verhouding tussen het aantal opnames en ligdagen toont dat we in Brugge gemiddeld iets langere opnames hadden.”

Welke problematieken behandelen jullie?

Els: “Kinderen met gedrags- en emotionele problemen en/of ontwikkelingsstoornissen, eetproblematieken, onverklaarbare lichamelijke klachten en angst- en stemmingsstoornissen. Wat we niet behandelen zijn kinderen die lijden aan psychoses of jongeren met zware gedragsproblemen. Dergelijke problematieken passen niet op de dienst pediatrie. We plannen voor de kinderen en jongeren met psychiatrische klachten een opname van maximum 2 weken, met uitzondering van anorexiapatiënten. Indien medisch noodzakelijk blijven zij langer.”

Hoe ziet de dagbesteding eruit?

Els: “In de eerste plaats is er de individuele gesprekstherapie met een van de therapeuten en de oudergesprekken. Verder is de dagindeling voor deze kinderen zeer gelijklopend met de dagindeling voor andere patiënten. Er is een multidisciplinair team van pedagogisch medewerkers, ergotherapeuten en kinesisten die zorgen voor een zinvolle dagbesteding afgestemd op de noden van de patiënt. Als het kan volgen ze ook les, al dan niet online.”

azlink 1
azlink 50

Hoe leren jullie van elkaar?

Els: “Wij beginnen maandag met een stafoverleg waar alle patiënten die opgenomen zijn en alle geplande patiënten overlopen worden. Daarnaast is er op dinsdag een multidisciplinair overleg met de kinderarts, ergotherapeuten, kinesisten, psychologen, de sociale dienst en diëtist. Ook zetten we in op vormingen. Zo zijn er vormingsmomenten voor de verpleegkundigen: bijvoorbeeld over ontwikkelingsstoornissen en eetstoornissen. Omgekeerd heb ik zelf een opleiding kunnen volgen over angst en pijnvermijdende aanpak bij kinderen (PROSA-beleid).”

Wat is de meerwaarde van de samenwerking?

Kate: “Kinderen en adolescenten met een kinderpsychiatrische problematiek worden sneller geholpen. Er is een snellere oriëntering naar de juiste ambulante zorgverlening en we kunnen sneller schakelen als de ambulante zorgverlening onvoldoende blijkt. We proberen ook ernstig schoolverzuim te vermijden. De continue interactie tussen de verschillende zorgverleners is een enorme meerwaarde van dit project.”

Wordt het project nog verlengd?

Kate: “Daar hopen we op! Het is belangrijk dat deze financiering blijft bestaan om dit project verder te zetten, zodat we op elkaars kennis en ondersteuning kunnen blijven rekenen.”